| Gepost door: Kastaar |
| Organiserende club: Moedige wandelaars Beernem |
Voor deze wandeling zijn wij te gast bij moedige wandelaars Beernem. De startplaats is niet alledaags, het is namelijk een instelling voor bijzondere jeugdzorg. Alhoewel het maar –1° op de thermometer is, zullen wij als het zeer koud ervaren, een snerpend winterwindje geeft een gans andere gevoelstemperatuur aan en in de open vlakten is het berekoud in deze uitzonderlijk lang aanslepende winter. Maar wij, hebben ons niet laten ontmoedigen en goed ingeduffeld kiezen wij voor het 11 km parkoers. Wij starten links op, via het penetair landbouwcentrum, het is ontstaan uit de Reforme de Ruiselaire in 1934. De 140 ha grote boerderij afgestaan aan het ministerie van justitie, het§ werd een strafinrichting voor de landloperkolonie. Na de tweede wereldoorlog werd het een gevangenis. Voor het ogenblik werken de gedetineerden van gemeen recht, en werken op de boerderij of maken zich nuttig in andere diensten van de instelling. Het open regime legt de nadruk op zelfdiscipline en de veiligheid wordt verzekerd door een open regime dat op een aanvaardbaar regime steunt. Wij komen langs de hoeve heen, en komen in een open landschap terecht, en wij krijgen de wind tegen die schraal rond onze wangen schuurt, die zij als geschenk een roze kleur geeft en onze neus een schrale druppel aanbiedt. Na een zwerftocht over besneeuwde landelijke wegen vinden wij onze eerste rustpost terug in een, ontspanningszaaltje van de instelling “De Zande”. Als wij de rustpost verlaten dwarrelen de sneeuwvlokjes in hogere mate naar beneden. Wij dwarsen even de grote baan en mogen een winters ogende dreef in, gezien het behoorlijk aantal deelnemers is de gevallen sneeuw aangetrapt en krijgen wij op bepaalde plaatsen een spekgladde plek, dus oppassen geblazen voor een eventueel slippertje. Langs de vroegere huisjes van werknemers van de instelling snuiven wij een heerlijke geur van smeulend hout op. Op onze weg passeren wij het kasteel Parmentier. Het kasteel werd in 1883 gebouwd door Charles de Bughem, en op een pilaar prijkte de naam St. Pieters villa. De bouwheer beleefde er echt geen voldoening aan, want hij overleed nadat de ruwbouw gereed was. Het ganse domein werd opgekocht door de heer Pierrre Carpentier een brouwer uit Izegem. De vrome familie had ook, een nauwe band met de kerk van Doomkerke. In 1923 werd het aangekocht door de Belgische staat, waar de directie van het huidig radiostation haar huisvesting vond, in 1997 ging het over in particulier bezit. Wij zijn intussen langs de rand van het natuurgebied de gulke putten voorbij getrokken, en aan de oude gebouwen van Bel radio krijgen wij even verder in het oude schooltje een gratis Oostenrijkse Obstler aangeboden, langs deze weg van harte dank voor de traktatie. Na de rust passeren wij ook het gebouw van Maritieme diensten. Op 19 December 1923 werd door koning Albert de eerste de eerste steen gelegd van het radiostation S.C.R.E. of sevice centrum radio eumussion. De machine zender zou van Oktober 1927 de eerste radio telegraaf verbinding maken met Brussel – New York, op de 16,6 km lange golven. 1 September 1928 werd de verbinding met Kongo gerealiseerd op de korte golven van 200 meter en minder. In 1940 volgden diverse verbindingen met talrijke Europese steden en Noord- Amerika. Na de tweede wereldoorlog werd de zender terug opgebouwd met nieuwe moderne zendapparatuur om al deze verbindingen te realiseren. Het station werd enkel voor maritieme doeleinden gebruikt. Vroeger nog door Belradio- Brussel maar wordt nu door radio Oostende benut. Rond 12 uur zitten wij tussen de bomen en komt een winterzonnetje erdoor, en de gevoelstemperatuur is een stuk aangenamer. Even later mogen wij het echte bos in en hangt er een plaatje met dank aan natuur en bossen. Als wij het vagevuurbos uitkomen is het opgehouden met sneeuwen en de zon komt erdoor, en het is aan het dooien geraakt. In de laatste kilometer passeren wij ook de oude jongensschool. Hier werd in 1919 in opdracht van het personeel van de gevangenis een school gebouwd waar de jongens afzonderlijk les konden krijgen. Voordien kregen zij les van de weldadigheidsschool. Reeds vanaf 1907 – 1908 hadden ouders het recht zelf te bepalen welke onderwijzer zij wilden voor hun kinderen. Deze schikking was helemaal niet te vergelijken met ons huidig systeem. Zij werden onderverdeeld in groepen naar hun kunnen. De basisvakken waren Nederlands met als tweede taal het Frans. Zij werden opgedeeld in groepen van 4 tot6 volgens hun mogelijkheden. De school genoot van een hoge waarderingsgraad, maar werd in 1974 definitief gesloten. Dit was de laatste geschiedkundige belevenis van deze uitzonderlijk interessante winterwandeling, machtig mooi en zeer leerzaam. |